Graaf de Smet de Naeyerlaan 1967

Graaf de Smet de Naeyerlaan 1967

Graaf de Smet de Naeyerlaan 1967

Info uit "duizend Kortrijkse straten", Egied van Hoonacker, 1986.
K. Van de Kortrijksestraat tot de Izegemsestraat.
66 won. 180 mw. Pl. E6.
Oorspronkelijk was het de NOORDLAAN, in de volksmond “den Boelvar”. Sedert 1905 is de
officiële benaming de Smet de Naeyerlaan en vanaf 14.6.1968 Graaf de Smet de Naeyerlaan.
Graaf Paul Joseph de Smet de Naeyer (Gent 1843 - Brussel 1913) was een vooraanstaand
industrieel, een zakenman en katholiek volksvertegenwoordiger van het arrondissement Gent.
Van 1896 tot 1907 was hij bijna ononderbroken eerste minister en beheerde hij de
ministerportefeuilles van financiën en openbare werken. Hij had een positieve invloed op de
stadsvernieuwingen uitgevoerd door burgemeester Reynaert. Op 29.8.1904 bezocht hij in een
open rijtuig, samen met burgemeester Reynaert, de ministers Liebaert en Tack de openbare
werken in Kortrijk. Terwijl hij zijn ministeriele functies nog waarnam, werd zijn naam al
gegeven aan de nieuwe Noordlaan.
Om de verbinding tussen de Meensesteenweg en de Brugsesteenweg te verbeteren, werd in
1889 het plan opgevat een laan van 644 m lengte en 35 m breedte aan te leggen. De
stadsgracht, die gedeeltelijk op het tracé van de nieuwe laan lag, werd in 1889-91 gedempt
met grond afkomstig van het nivelleren van de MinisterVanden Peereboomlaan en de tunnel
in de Burgemeester Felix de Bethunelaan. De laan werd in 1892 aangelegd. Hetzelfde jaar
werden de bomen geplant. In 1902 werden ook zes huizen aangekocht in de Sint-Jansput om
een rechtstreekse verbinding aan te leggen tussen de Overleiestraat en de Noordlaan. Het plan
om het verkeer tussen de Brugsesteenweg en de Meensesteenweg op te vangen werd echter
nooit gerealiseerd omwille van de nauwe Koningin Elisabethlaan en de bocht aan de
Menenpoort. Wel is het een aangename woonwijk geworden door het groen van de talrijke
bomen. Op de middenberm en de trottoirs staan meer dan 150 kastanjebomen. Op deze
middenstrook werden in 1945 acht noodwoningen opgetrokken en in 1955 weer afgebroken.
Helemaal aan het oostelijke einde van de laan prijken sedert ca. 1950 twee stenen liggende
leeuwen. Deze leeuwen lagen oorspronkelijk aan de ingang van het park tegenover de
Overleiestraat. De dubbele laan werd omtrent de eeuwwisseling gebruikt als renbaan voor de
velokoersen tijdens Kortrijk kermis. In 1938 werden de straatstenen vervangen door een
betonnen wegdek.
In 1900 waren er 4 en in 1935 21 huizen in de Graaf de Smet de Naeyerlaan. Aan de
noordkant van de laan woonde kunstschilder Albert Caullet in het nr. 21. In het nr. 51
kwamen 5 personen om tijdens het bombardement van 21.7.1944. In het nr. 73 woonde de
schrijver Willem Putman (Waregem 1900 - Brugge 1954), die de schuilnaam Jean du Parc
koos, omdat hij aan het park woonde. In het nr. 75 woonde de beruchte pater Joris Vereecke,
een uitgetreden redemptorist, overleden in 1953. Het nr. 81 is sedert 1984 restaurant Thai.
Wat verder, midden het Astridrozenhofje, prijkt het beeld van koningin Astrid, onthuld op
31.7.1938. Het is gesigneerd Alfred Courtens en draagt als opschrift: "Door de bevolking der /
Stad Kortrijk uit / erkentelijkheid opgedragen / 5 april 1936 - 31juli1938.".
Ongeveer op die plaats lag de herberg De Vlooibak. De bazin werd Tieleke Vlooibak
genoemd.
Aan de zuidkant van de Graaf de Smet de Naeyerlaan ligt het Volkspark, ook naar de
nabijgelegen Sint-Jansput, Sint-Janspark genoemd. Sedert de GR van 8.10.1935 het Koningin
Astridpark en in de volksmond het Astridpark. Dit park van 3 ha werd in 1904-06 aangelegd
naar de plannen van architect Victor Moulard. Hiervoor werden een honderdtal huizen
gesloopt waaronder de Kazernepoort, Nyssenspoort, de Molenwal en huizen aan de noordkant
van de Meensestraat en de Brugsestraat. Het park werd op 16.6.1907 opengesteld. Voor de
oorlog werd de orde gehandhaafd door de twee “boulevard champetters” Krulle en Verhuist,
die de fietsers uit het park hielden en de kinderen van de grasperken. Tegenover de
Overleiestraat en gekeerd naar de stad werd op 16.6.1931 het bronzen borstbeeld onthuld van
burgemeester Auguste Reynaert die het park liet aanleggen. Het is het werk van de
Kortrijkzaan Vande Voorde en draagt als opschrift: “De Stad Kortrijk: aan haren /
burgemeester / Auguste Reynaert / 1833- 1915.” De geometrische vormen van de
bloemperken rond het beeld wijzen op de Franse stijl terwijl het landschappeneffect verder in
het park geïnspireerd is op de Engelse stijl. Thans overheersen de kastanjebomen. Aan de
oostkant op een mote bij de eendenvijver werd bij de aanleg van het park de kleine vlasmolen
van Karel Quartier uit Kuurne opgericht maar na W.O.II gesloopt. Op een hellend vlak
werden tot in de jaren 60 bloemenmozaïeken aangelegd in de vorm van een vis, vlinder enz.
Er werd ook een miniatuurgolfterrein en een petanquebaan aangelegd. Te midden van het
park ligt de Laiterie, sedert 1959 het Waaihof, een restaurant dat al bestond in 1898. De
Laiterie was vroeger een danszaal. De bazin, die grote sigaren rookte, werd de Schone Dahlia
genoemd. Willem Putman schreef er, tussen twee glazen in, aan zijn naoorlogse romans. Het
is nu de vergaderplaats van de Orde van de Prince (een serviceclub).
Op 1.4.1898 keurde de GR de overeenkomst goed waarbij 68 a grond door de stad verkocht
werd aan de “Société des Vicinaux” voor de aanleg van een stelplaats aan de zuidkant van de
laan bij de Menenpoort. De stelplaats werd in 1899 gebouwd. Sedert het afschaffen van de
elektrische trams wordt de stelplaats gebruikt door de bussen van de Nationale Maatschappij
van Buurtspoorwegen. In 1980 werden er 38 bussen onderhouden. Zij werden bestuurd door
95 chauffeurs. In 1980 werd de intussen 93 a grote stelplaats door het stadsbestuur opnieuw
aangekocht voor 43 miljoen fr.

Extra info:
Zicht op de Graaf de Smet de Naeyerlaan aan het Koningin Astridpark, in het voorjaar van 1967.

Object hiërarchie: 1 items

Locatie