Doornikselaan

Doornikselaan

Doornikselaan

Info uit "duizend Kortrijkse straten", Egied van Hoonacker, 1986.
K. Van het Stationsplein tot de Sint-Jorisstraat. 2 won. 2 bew. Pl. F7.
De Doornikselaan werd getrokken en geplaveid in 1842. Op 24.6.1841 werd de laan
Boulevard de Tournai genoemd, toen vertaald in DOORNIKPOORTVESTING en later in
Doorniklaan. Sedert 14.6.1968 luidt de benaming Doornikselaan omdat de straat
richtingaangevend is.
In 1899 voerde de stad met de staat besprekingen met het doel grond te kopen aan de kant van
de spoorweg om de straat van 13 op 20 m breedte te brengen. Aan de noordkant van de straat
werden in 1923 de sporen van de buurttram aangelegd en in 1964 weer opgebroken.
Aan de zuidkant van de straat werd in 1854 de stapelplaats voor de goederen van het station
gebouwd. Het gebouw werd in 1911 aanzienlijk vergroot. In mei 1940, toen het Belgisch
leger zich teruggetrokken had, werden de goederen door de bevolking geplunderd terwijl de
politie machteloos toekeek. De mensen riepen: “De Duitsers zullen toch alles stelen”. Het
gebouw werd op 21.7.1944 zwaar beschadigd en in juni 1976 afgebroken. Op die plaats werd
het sorteercentrum van de post opgericht. Tegen het Stationsplein staat het bekende frietkraam
van Bossuwé.
Op de zuidkant van de straat, op de hoek van het Stationsplein, stond het grote herenhuis van
Stanislas Vercruysse. Verderop staan er drie cafés die al bestonden op het einde van de l9de
eeuw: het nr. 2 Au Cercles des Voyageurs werd na W.O. II, naar de waardin Rosa Delmotte,
een tijd lang Chez Motte genoemd. Het nr. 3 was in 1898 Brasserie Flamande, voor enkele
jaren Billy’s Inn en nu De Chopper, een pleisterplaats voor jongens met zware moto’s. Het nr.
4 is De Pelikaan, die druk bezocht wordt door het dorstige postpersoneel.

Object hiërarchie: 1 items

Locatie