Langemeersstraat

Langemeersstraat

Langemeersstraat

Info uit "duizend Kortrijkse straten", Egied van Hoonacker, 1986.
K. Van de Voorstraat tot de Veemarkt. 29 won. 70 bew. In 1815
waren er 44 huizen en 240 bew. Pl. G7.
De oudste benaming is uit 1358 in vico dicto Langhemeere en in 1412 strate also men gaet ter
Langhemeere waert Het toponiem Langemere heeft drie verschillende betekenissen. 1. Een
meers ten zuiden van de Groeningebeek. 2. Een weg die van die meers naar de Voorstraat
leidde. 3. De latere Sint-Jansbeek. Naar de kapel van O.-L.-Vrouw ten Olme werd de straat in
1550 Straetken ten Holleme genoemd. 1n1571 was het DOLLEMSTRAET en in 1586
Ollemstraetken ofte Langhemeere. Naar de Molenputmolen duikt in 1795 de benaming
MEULESTRAETE op. In 1807 was het nog Rue du Moulin. Naar de nabijgelegen
werkhuizen van liefdadigheid was het in 1807 en 1816 Rue de l’Attelier de Charité. In 1815
en 1846 was de officiële benaming VUILSTRAET. Deze naam is in de wandeling
bijgebleven tot in het begin van de 20ste eeuw. Na 1846 werd het opnieuw de Molenstraat. Om
na de fusie verwarring te voorkomen met de zes Molenstraten in de Kortrijkse entiteit, werd
door de GR van 13.1.1984 de middeleeuwse benaming Langemeersstraat teruggegeven. Het
voorstel Sint-Jozefstraat werd niet aanvaard.
Aanvankelijk lag de Langemeersstraat buiten de stadswallen. De noordelijke helft volgde het
tracé van de huidige straat. Daarna draaide de straat naar het oosten in de richting van de
huidige Gulden-Sporenlaan en kwam ze aan de Lange Mere. Verderop was het de Oude
Oudenaardsenheerweg. Toen Overbeke in 1453 bij de stad ingelijfd werd, kwam een groot
deel van de Langemeersstraat binnen de stadswallen te liggen. De straat verliet de stad door
de Ollempoort. In 1501 werd vlak buiten de Ollempoort de kapel van O.-L.-Vrouw ten Olme
opgericht .
In 1560-80 werd de Ollempoort afgeschaft. Door uitbreiding van de versterkingen kwam de
kapel binnen de versterkingen te liggen en liep de Langemeersstraat niet verder meer dan de
omwalling Toen de Esplanade in 1667 aangelegd werd, verdween de Ollemstraat. In het derde
kwart van de 18de eeuw werd een nieuwe straat aangelegd die het huidige tracé volgde. Op het
oostelijke einde van de straat stond de Molenputmolen. De molen stond in de as van de straat,
zodat de straat aan de zuidkant van de molenwal een omweg moest maken. De
Molenputmolen, die tegen de stadswallen stond, werd in 1850 afgebroken. De molenwal werd
in 1866-67 door de stad aangekocht en afgevoerd zodat de straat rechtgetrokken en verbreed
kon worden.
De Langemeersstraat was in de l9de eeuw een vuile straat. Zij heette toen ook de Vuilstraat.
De stoepen van de huizen lagen een vijftal treden beneden het straatpeil dat in de loop van de
jaren opgehoogd was door vuilnis. Bij overvloedige regen en liep het water de huizen binnen
of bleef het in grote plassen liggen. Hierom werd in 1858 het straatpeil verlaagd, werd er een
riool aangelegd en werd de straat geplaveid.
Op liet einde van de l9de eeuw paalde de Impasse Doornaert aan de Langemeersstraat. De
ligging van dit steegje is niet bekend. De Langemeersstraat vormt de grens tussen de O.-L.-
Vrouwe- en de Sint-Maartensparochie, die aan de westkant ligt.
Op de oostkant van de Langemeersstraat stond, achter het hoekhuis van het Plein, het
meubelatelier van P. Pauwels. Het werkhuis werd in 1979 gesloopt voor de parkeerplaats van
het Gemeentekrediet. Ernaast stond een huis met blinde gevel. Het was in de 19de eeuw het
lokaal van de loge. In de 20ste eeuw en tot 1955 woonde er de onderpastoor van de Sint-
Maartensparochie en was het de vergaderplaats van het meisjespatronaat de Godelieven. Het
huis werd door het Sint-Jozefsinstituut aangekocht en gesloopt. Tijdens grondwerk werden in
de onmiddellijke omgeving 25 Gallo-Romeinse graven blootgelegd. Tien jaar later werden er
door Pro Cortoriaco onder het trottoir nog 31 graven gevonden. Enkele huizen verder werd in
1840 de kapel van de school van E.H. Callewaert gewijd. In de gevel van het nr. 21 prijkt een
kapelletje met een beeld van Sint-Rochus.
Vier herbergen uit 1898 waren In de Slachter, In de Providence en de nu nog bestaande cafés
nr. 23 In ‘t Breydelshuis met een gevel met gele geglazuurde tegels en het nr. 57 Au Soulier
d’Or. Tijdens de bomaanval van 21.7.1944 werden de huizen nrs. 31, 35, 37 vernield. Hierbij
kwamen vier mensen om.
Op de westkant van de straat stond op de hoek van de Voorstraat het bejaardentehuis Sint-
Jozef (Zie Voorstraat). Op die plaats werd de Romeinselaan aangelegd en wat verder bouwde
het O.C.M.W. in 1979-80 het flatgebouw Ten Olme, dat 60 woningen bevat en einde 1983 in
gebruik genomen werd. De naam is ontleend aan de verdwenen kapel O.-L.-Vrouw ten Olme.
Tussen de Stompaertshoek en de Veemarkt lag in de l8de eeuw de kazerne De Veertigen, in
het begin van de l9de eeuw het Atelier de Charité en thans het slachthuis (Zie Veemarkt).

Extra info:
Vooraan rechts zien we de inkompoort van het Sint-Jozefscollege in augustus 1974. Deze school is nu geïntegreerd in het Guldensporencollege. Links achter de parking loopt de Voorstraat en rechtdoor komen we op de linkerhoek van het Plein.

Object hiërarchie: 1 items

Locatie